
Op 28 februari kregen wij een bunzing in de opvang. De opvang waar de bunzing vandaan kwam zag deze aan voor een flinke fret wat hij dus duidelijk niet was. De bunzing had daar al een tijdje in de opvang gezeten en was zeer in zichzelf getrokken en angstig. Een bunzing in "gevangenschap" kan twee dingen doen, of hij bijt bij iedere kans die hij krijgt of hij reageert totaal apathisch. Het laatste was duidelijk bij deze bunzing het geval.
Eenmaal bij ons in de opvang aangekomen bleek de bunzing duidelijk in dusdanige toestand te zijn dat deze onmogelijk terug in de natuur geplaatst kon worden. Ten eerste was de bunzing in een apathische toestand en ten tweede was zijn natuurlijk gedrag compleet verdwenen. Dit heeft als gevolg dat het weer uitzetten van de bunzing de dood voor hem betekend.
Doordat de bunzing een tijdje in "gevangenschap" heeft geleefd waren zijn oerinstincten verdwenen. In het bijzonder het jagen op voedsel was hij verleerd en zelfs het eten van prooi onbekend geworden aangezien hij uitsluitend brokken heeft gekregen tijdens zijn verblijf in de opvang.
Overigens is het wel apart om een bunzing in je handen te hebben, je voelt gelijk de enorme spiermassa in zijn bovenlijf en de kracht in zijn lichaam wanneer hij zich probeert te draaien. Dat hij angstig was bleek wel dat hij zich letterlijk vast hield aan je arm met zijn poten.
Maar goed wat moet je met een bunzing die zich onmogelijk kan redden in de natuur. De opvang is niet geschikt om de bunzing te trainen in het overleven in de natuur. Na wat informeren links en rechts kwamen wij uit bij het Natuurhulpcentrum voor wilde dieren in België. Na contact met hun te hebben gehad bleek dat zij regelmatig ook bunzingen en steenmarters opvingen die niet klaar waren voor de natuur. De beslissing was snel gemaakt, deze bunzing moest naar België om nog een kans tot overleven te hebben.
De beslissing om hem naar België te transporteren was de enige juiste maar leverde weer andere problemen op. Ten eerste is de bunzing een bedreigde diersoort, een wild dier en is het transporteren van een dergelijk dier aan allerlei regels gebonden.
Na contact met Voedsel en Waren Autoriteit is ons een speciale vergunning verleend voor het transporteren van de bunzing naar het natuurhulpcentrum.
Vervolgens werd er een carrier speciaal ingericht voor het transport en op 3 maart was het dan eindelijk zo ver. De reis van bijna twee uur kon beginnen.
Toen wij bij het centrum aankwamen werd de bunzing overgedragen aan het personeel daar. Zij waren net zo verbaasd als wij dat de bunzing zo apathisch gedrag vertoonde, de gepakte zwaar gevoerde handschoenen konden gelijk weer op hun plek terug gelegd worden.
De bunzing werd eerst tijdelijk in een bak geplaatst zodat hij bij kon komen voor de toch wel lange reis vanuit Nederland.
Het plan van het centrum is om hem eerst grondig te onderzoeken op eventuele medische problemen. Als de bunzing gezond is verklaard gaan ze hem introduceren met dood prooi wat uiteindelijk zijn basis voedsel moet worden. Mocht de overgang naar prooi eten goed verlopen word de volgende fase in werking gesteld, namelijk het opnieuw aanleren van jagen op prooidier. Juist dit laatste dient op een juiste wijze te gebeuren aangezien dit bepalend is voor zijn overleving in de natuur. Dat is ook de reden dat de FrettenStichting de bunzing niet verder kon helpen.
Mocht alles goed verlopen dan zal de bunzing medio september uitgezet worden in de natuur waar hij hopelijk nog een mooi leven tegemoet gaat.
Mochten er tussentijds nog ontwikkelingen plaatsvinden over de bunzing dan kunt u dat uiteraard hier lezen.